Tolfde Dei fan Slachtmoanne
"Oud Allerheiligen"
Allerheiligen volgens de Juliaanse Kalender
Ald alderheljen
dei fan hier beteljen.
Alkmaar Langestraat
De pelgrims uit Alkmaar komen thuis.
H. Paus Martinus I
‘Sinte Kruk’
Slachtoffer van het Caesaropapisme".
De laatste Martelaar-Paus
Hij verzette zich tegen de macht
van de Byzantijnse keizer
655
Heilige Bisschop en Martelaar
Josaphat
Strijder voor vereniging
van de Kerken van het Oosten
met de Stoel van Rome
1623
In Deventer:
H. Lebuinus
"Laifwin"
Apostel der Saksen
Bloemaert Sint Lebuinus
De naam Laif-win betekent: 'lieve vriend'.
De naam werd afgekort tot 'Wynken of Winelt'.
Over de IJssel stichtte hij in Deventer
een kerk ter ere van Onze Lieve Vrouw.
In Marklohe hield hij een toespraak
tot de vergadering van de Saksen
die hem bijna het leven kostte.
In 772 vernietigden de Saksen de
missieposten aan de IJssel en Laifwin
vluchtte naar Utrecht.
IN 776 stierf hij, terug in Deventer
'aan den Colde'
In de middeleeuwen werd het feest van Lebuinus
als zondag gevierd.
O Deventer, hoghe veste,
Hebt altoos goeden moet!
Lebinus, die heilighe Prince,
Staat u bi in alre noot.
Ende hi is waerlic goet
O alreliefste vader,
Staet ons bi in alre noot.
In Vlaanderen:
H. Livinus
Sint Lieven,
uit Ierland afkomstig,
Martelaar in het land van Aalst
Patroon van Zierikzee
om 655
Op Ierlan:
Abt Cummianfada
"Kilkomin"
662
Saint Cummian van Clonfert
bracht de meeste Ierse kerken ertoe
Pasen te vieren volgens de Romeinse berekening
Schubbige bundelzwam. Pholitia squarrosa
2007 Op wylgebeammen by Nijlan.
`Skobbejakken´
Bloemen:
Kniphofia galpinii
‘Red hot poker’
Een late vuurpijl
Tritoma uvaria
Sint Lieven
Komt ons met vorst gerieven.
Roept de uil bij regen
Dan is mooi weer op komst. 
De westenwind waait
de blaren worden schaarser:
Het hele jaar is nooit een brief gekomen.
Mocht ik je zien, dan enkel in mijn dromen -
De droom bleek ijdel toen ik weer ontwaakte.
Al was zo'n droom ook ijdel,
Toch waren we een ogenblik bijeen, te samen -
De laatste tijd heb ik zelfs nooit gedroomd.
Lü Zhi'han
1340
La Chaise Dieu, 'dance macabre' tek.: XIXsec.
Ten Mollenfeeste IX
De Koninck der mollen
heeft doen ontbieden
met synen bode, styf en sterck,
Al t eenenmale de Ambachtslieden
dat sy oock moeten laten t werck.
Dus rade ick elck een, dat hy neme merck.
Om goeden herberghe ende logies:
Want claar geseyt, ghy moet in t perck
Ten feesten commen van Mollengrys.
Anthonis de Roovere
Alkmaar
De Stadstimmerman.
Zierikzee Sint Lievens Monstertoren 
De Stadhuistoren van Zierikszee
SEE, SEE, DO WIDE SEE
See, see, do wide see.
Wat leist’dêr drôgjend hinne,
Wa seit wat ûnk en wee
Yn dy besletten binne!
Myn feint, sa prûs, hy gyng fan hûs,
Hy soe syn lok wol fine
Foel’t skieden hurd,
Ik hie syn wurd :
Ús soe de troubân bine
See, see, do wide see,
wat leist’dêr drôgjend hinne
Wa seit wat ûbk en wee
yn dy besletten binne!
See, see, do stoere see,
wêr mei myn feint dochs bliuwe?
O, lit oan de âlde ree
syn boat doch binnendriuwe!
Mar hoe, dyn byld
wurdt swart en wyld;
Do bromst fan leed en lijen.
Ik fiel, ik sjoch 't gjin wille en nocht
is mear foar my te krijen.
See, see, do stoere see,
do ropst it my temjitte.
Faam, faam der oan de ree,
do moatst dyn feint ferjitte.
See, see, sa wifen rou,
berchsto him yn dyn skerte,
ik hâld him, ivich trou,
besletten djip yn 't herte.
Dyn weachgebrûs,
dyn stoarmgerûs
heech oer syn holle rôlet,
allyk de smert djip út myn hert
yn wylde weagen wâlet.
See, see, sa wifen rou,
berchsto him yn dyn skerte,
ik hâld him, ivich trou,
besletten djip yn 't herte.
Piter JellesTroelstra
Regis Regum Rectissimi
Hymne over het einde der tijden
Klooster Egmond Nov.1973
Regis regum rectissimi
Regis regum rectissimi
prope est dies Domini,
dies irae et vindictae,
tenebrarum et nebulael
De Koning komt in heerschappij,
de dag des Heren is nabij,
de dag die wraak en oordeel is,
en nevelen en duisternis,
de dag van donder en geweld,
wanneer het vonnis wordt geveld,
de dag van angst die klemt om't hart,
van bitterheid en diepe smart,
wanneer der vrouwen warme lust
en lieflijkheid wordt uitgeblust,
der mannen trots en dappere strijd,
de aarde en haar begeerlijkheid.
Cross of Kells Xe eeuw jr1989
Stantes erimus pavidi
Dan staan wij wit en stijf van schrik
voor Gods verschrikkelijke blik,
dan geven wij van elke stap
hier op de aarde rekenschap.
als elke misdaad open ligt
en elke schuld voor zijn gezicht,
als hij de boeken op zal slaan
en leest eat wij hebben gedaan,
dan bardten wij in snikken uit
en wenen jammerend en luid,
met lege handen staan wij dan
en niemand die ons redden kan!
Tuba prima archangeli
De aartsengel des Heren steekt
dan de bazuin met kracht en breekt
de graven open in de grond,
en over heel het wereldrond
breekt zij de koude korst uiteen
en roept de mensen uit de steen
en voegt hun beenderen tesaam,
bekleedt hen met hun huid, hun naam;
de ziel komt door de hoge lucht
het lichaam tegemoet gevlucht,
keert in de oude woning weer
terug en staat voor God de Heer.
Lied dat Columba dichtte
tijdens het malen van één zak meel
Het lied is een abecedarium van 23 strofen.
de versen 17, 18 en 19.
J.W.Schulte Nordholt 1964
J.W.Schulte Nordholt
Tsjerkhôf fan Achlum.
Alle ferstoarnen lizze begroeven, sjende nei it Easten,
ferwachtsjende de Jongste Dei.
HET VIJFDE ZEGEL
Apocalyps 6, 9-11
De martelaren onder het Altaar
En toen het Lam het vijfde zegel geopend had
zag ik onder het altaar de zielen
dergenen die gedood waren om het Woord Gods
en om de getuigenis die zij hadden.
En zij riepen met groote stem, zeggende:
Hoe lang o heilige en warachtige Heerscher!
oordeelt en wreekt Gij ons bloed niet
van degenen die op aarde wonen?
Xanten, Graven der Martelaren
onder het Altaar.
2000:
Op deze dag overleed Hugo Pos.
Een passend Kwartrijn:
Geloof me toch,
als ik van hier verdwijn,
maakt het niet uit.
Straks bloeit weer de jasmijn
en geurt de kamperfoelie.
Erger zou het wezen
Als zij verdwenen waren -
en ik er nog zou zijn. 
Alkmaar Proveniershuis.
UITVAART
Befloersde trom
Noch rouwgebrom
Ga romm'lende om
Voor mijn gebeente ;
Geen klokgebom
Uit hollen Dom
Roep 't wellekom
In 't grafgesteente ;
Geen dichte drom
Volg' stroef en stom;
Festoen noch blom
Van krepgefrom
Om 't lijk, vermomm'
Mijn schaamle kleente
Mijn jaartal klom
Tot volle som,
Mijn oog verglom ;
En de ouderdom
Roept blind en krom
Ter doodsgemeente.
Giethoorn, Begrafenis, rond 1910
Giethoorn. Lykstaasje mei de punter.
Begjin XIXe ieuw.
Wat zoude ik thands,
Beroofd der glans
Van 's hemels trans,
Op de aard begeeren ?
Geen moed des mans,
Geen spies of lans,
Geen legerschans,
Kan 't sterfuur keeren.
Geen spel of dans,
Geen dobbelkans,
Geen lauwerkrans,
Of Rijkbeheeren.
Een handvol zands
Des grafkuilrands
Is 't nietig gants,
Dat de asch mag eeren :
De beet des tands
Des Aartstyrans
Des menschenstands,
Zal 't lijk verteeren.
Doch wat 's dit mij,
Die handenvrij,
In 't uitzicht blij
Dat ik belij,
Op 't noodgetij'
Mag triomfeeren ?
Ik juiche en strij' ;
Wat glippe of glij',
Hij staat me bij,
Die 't af kan weeren.
Geen dwinglandij,
Geen razernij,
Geen Helharpy
Van Sofistry,
Geen nood,
dien wij
Aan Jezus' zij'
Niet stout braveeren!
Zijne Englenrij
Verordent Hij
Tot wachters om ons hoofd.
Geen onheil kan ons deeren.
1827.
Willem Bilderdijk
overleden in Haarlem
op 18 december 1831
Easterein
Tsjerkhôfûle yn Easterein
De ûle kin yn by't tsjuster sjen.
De sânrinner sprekt fan fergonklikens,
De twei seinen fan de grime dea.
Ûnder de Oroborus: de ivichheid,
libben út de dea.
Symbool: de Oroboros
l'Ouroborus, Oroburus
'De slang die zichzelf in de staart bijt.'
Grêfstien yn Achlum mei de Oroboros
Op protestantse Fryske tsjerkhôvensjogge we,
foaral op XIXe ieuwse grêven,
de Oroborosslange ôfbylde.
De Oroboros
De oroboros symboliseert de eeuwigheid.
De huid van een slang groeit niet
daarom vervelt het reptiel jaarlijks.
Daartoe bijt het de punt van de staart en ontdoet het zich,
achterwaards kruipend, van het vel.
Tenslotte verorberen sommige soorten hun oude huid.
Op de graven zegt de Oroboros:
'Mijn oude huid ligt hier beneden;
in een nieuw en heerlijk kleed woon ik boven'.
Slang en krakeling
symboliseren beide de eeuwigheid
en de eeuwige wederkeer.
Oroboros.
Hellas, in de derde eeuw
'Ich halte dafür
dass alle Organische Wesen,
die je auf dieser Erde gelebt haben,
von Einer Urform abstammen,
welcher das Leben
vom Schöpfer eingehaucht wurde.'
Charles Darwin
Oroboros,
Emblemata Libellus
Andreas Alciatus, Paris 1542
De zeegod, Triton, omgeven door de Oroboros
'De eindeloze zee.'
Beeld van de eindeloze roem voor een grote geleerde.
Herdruk: Darmstadt 1991
Dingle 1974 Erin
SKIBBEREEN SONG
O, Father dear,
I often hear you speak of Erin's Isle,
Her valleys green, her lofty scene,
her mountains rude and wild;
You say it was a pleasant land
wherein a prince might dwell,
But why have you abandond it,
the reason to me tell?
My son, I loved our native land
with energy and pride
Until a blight fell on the land
and sheep and cattle died,
The rents and taxes were to pay,
I could not them redeem,
And that's the cruel reason
why I left Old Skibbereen.
It's well I do remember
on a bleak November's day,
The landlord and his agent came
to drive us all away;
He set my house on fire
with his demon yellow spleen
And that's another reason
why I left Old Skibbereen. 
Alkmaar, kunstwerk
Dit beeld van Jan Dokter te Den Helder
is door de Alkmaarse Ver van Geld en Effectenhandel
en de Prov. Den Helder tot stand gekomen.
Your mother, too, God rest her soul,
lay on the snowy ground,
She fainted in her anguish
of the desolation round.
She never rose, but went her way
from life to death's long dream,
And found a quiet grave, my boy,
in dear old Skibbereen.
Erin, Arann graveyard 1989
It's well I do remember
the year of forty-eight,
When we arose with Erin's boys
to fight against our fate;
I was hunted through the mountains
as a traitor to the Queen,
And that's another reason
that I left Old Skibbereen.
Oh father dear, the day will come
when vengeance loud will call
And we'll arise with Erin's boys
and rally one and all,
I'll be be man to lead the van,
beneath our flag of green,
And loud and high we'll raise the cry,
" Revenge for Skibbereen!"
Lied dat herinnnert aan de hongersnood in Ierland
ten gevolge van de aardappelziekte en wanbeleid.
in de negentiende eeuw. 1845 - 1852
'The Great Famine'.
Oostrum
Moai Fryslân 94
Eastrum
Oprechte deugd
is bestand tegen
ijzer, vuur en staal.
Alkmaar, Levensboom 'muuranker'
PELGRIMAGE
Etappe LXXXVI
Van Haarlem naar Egmond
Heiloo
Door het Kennemerland.
Herfstbos bij Heiloo
De pelgrims uit Alkmaar komen vandaag thuis.
De Stad Alkmaar.
Meester van Alkmaar, Werken van Barmhartigheid. II
Doden begraven, vreemdelingen herbergen, zieken en gevangen bezoeken.
Het Heiligdom van
Onze Lieve Vrouw ter Nood
Liturgische Kalender
Vrijdag in de Tweeëndertigste week door het Jaar
Wijsheid 13, 1-9.
De Wijsheid van God en de sterrenhemel.
De heidenen vereren de natuur als God.
Psalm 19
De Hemelen verkondigen Gods glorie.
Onze Lieve Vrouw ter Nood.
2 Johannes 4-9 De liefde
Psalm 119 De Wet
Lofzang op de wet van God
Evangelie
Lucas 17, 26-32
Waar het aas ligt verzamelen zich de gieren
Stûneboek Requiemmisse
Prefaasje fan de Requiemmisse
Trekfûgels boppe de beferzen see
Deadendûns
Alkmaar 2006
Dodendans
'Dance Macabre'
Kom ga mee naar ’t Mollenfeest
Groter feest is nooit geweest!
Kom sta op ga met ons mee;
Kom ten Mollenfeeste.
Als de bode roert zijn trom
Is het aardse leven om!
Kom sta op ga met ons mee;
Kom ten Mollenfeeste.
Niemand kan zijn roep weerstaan;
’t Mollenfeest moet verder gaan!’
Kom sta op ga met ons mee;
Kom ten Mollenfeeste!
Hoeven oktober 1983
Pelgrimsweekend Ned.Ver.Huismuziek.
Tekst: werkgroep
Haiku:
In de overstroming
Standvastig en gelaten,
Vogelverschrikker.
Shiki 
Alkmaar de poort van Westfriesland.
The Skibbereen Song
O father dear, I often hear.
http://www.youtube.com/watch?v=3KpHQeubJ9U&feature=related
http://www.youtube.com/watch?v=XPrLBggC8q8&feature=related
Skibbereen Memorial, Great famine Erin.
Herinnering aan de hogersnood in Ierland.